Zandsculpturen

EK_Zandsculpturen_Zandvoort_2013_1

Het Europees Kampioenschap Zandsculpturen. Waar anders dan in Zandvoort? Na een aantal zonnige dagen is het vandaag wat bewolkt. Desalniettemin veel toeristen op het Badhuisplein. Hier staan de werken van kunstenaars uit Groot-Brittannië en Spanje. Maar wat blijkt, ook in Tsjechië, Oekraïne en Rusland weet men raad met zand. De Russische sculptuur betreft gek genoeg twee mannen. En dat in een week waarbij het nieuws handelt over homotolerantie en het eventueel boycotten van de Spelen in Sotsji.

‘Welke vind je mooier?’ vraagt een vrouw haar echtgenoot. Die reageert niet. Hij is drukdoende de Praagse Karelsbrug, maar dan in zand uitgevoerd, te fotograferen. Even verderop staan drie Engelsen ‘hun’ deelnemer te prijzen. ‘Brilliant!’ Een drietalige brochure rept over de World Sand Sculpting Academy en meldt nog een drietal sculpturen richting Kerkplein. Die kant maar op.

De Nederlander Maxim Gazendam wil daar net de laatste hand leggen aan zijn interpretatie van ‘culturele iconen uit Nederland’. Een allegorie van Delfts Blauw, polderlandschap en tegelspreuken. Ware het niet dat een jonge bezoeker hem met veel vragen van zijn werk houdt. Maxim blijft geduldig en kan uiteindelijk, met sproeier en mengsel van water en behanglijm, zijn werk fixeren.

Verder vooral patat aan het Kerkplein. Snel geteld zijn er vier snackbars. Fritures d’Anvers, Frietplaza, Febo en Snackbar het Plein. Plastic bakjes en puntzakken met dikke klodders mayonaise en pindasaus, waar je ook kijkt. Normaalgesproken niet de meest gunstige combinatie, maar patat en zand dus.

Bij de rotonde de sculptuur van de Italiaanse deelneemster. Twee mannen bezetten het bankje voor de bakkerij, tegenover de viskraam. Dat doen ze normaal ook al, het is nu alleen iets drukker bij hun stek. Er staat ook een drietal Zandvoortse verhuurders. Twee dames met de fiets aan de hand en een meneer nog op zijn scooter gezeten. Vorige week hadden ze alle drie Duitsers te gast, nu toevallig allemaal Fransen. Het moet niet gekker worden.

Wielrenners schieten voorbij, scooters gaan over de rotonde net als badgasten met hun broodjes hamburger en enorme bollen softijs met discodip. Er wordt vanmiddag getrouwd in het stadhuis, dus ook gespannen blikken richting het bordes. ‘Wat zou ze aan hebben?’ en ‘Toch de mooiste dag van je leven’ is te horen.

Zandkunstenaar Maxim loopt net met z’n sproeier over de rotonde, wanneer de deur van het stadhuis openzwaait. Buiten gehoorafstand van het bruidspaar worden indrukken gedeeld. Van ‘Ik weet niet…’ tot ‘Vast een tweede leg’. De bruidegom is inderdaad wat ouder dan de bruid.

Maar wat deert het. Zoals de spreuk onder het bordes doet voorkomen; geldig voor liefhebben, snacken én zandkastelen bouwen: ‘Trekt u niet aen wat yeder secht, maer doet dat billijk is en recht.

EK_Zandsculpturen_Zandvoort_2013_2


Italia a Zandvoort

Italia a Zandvoort

Files richting Zandvoort. Niet alleen badgasten, maar ook autoliefhebbers. Kanariegele en felrode Ferrari’s, Alfa Romeo’s en Maserati’s. Een klein beetje Italië vandaag. Ik raas erlangs met mijn fiets en parkeer vlak voor de ingang van het circuitpark. ‘Buon giorno’ klinkt het en er wordt mij ‘un giornale’ met het programma in de hand gedrukt.

Publiek Italia a ZandvoortVoor mij loopt een keurig opgemaakte vrouw in rode jurk, op hoge hakken, met snelle tred richting vipdorp. Ze trekt zich niets aan van het gejank van motoren op het circuit, noch van tientallen toeterende Vespa’s die het terrein op rijden. In het gras achter de vangrails zit een man met gezin. Hij moet vanochtend in gedachten voor zijn kledingkast hebben gestaan. ‘Zal ik dat rode overhemd met Ferrari- en Marlborologo aantrekken?’ Hij heeft het gedaan en ook zijn knalrode pet ontbreekt niet. Zij zoontje, een jaar of vijf, doet mee. Vrouw en dochter hebben zich bescheidener uitgedost. Ze laten zich de patat smaken. Met hun rug richting circuit, dat wel.

Het is druk bij geparkeerde Ferrari’s. Overwegend mannen lopen hier rond, dikwijls buikige types. ‘Woorden schieten tekort’ vang ik op. Een meneer met gelukzalige glimlach attendeert zijn vriend: ‘Echt bizar mooi, die gele metallic lak’. Verderop gaat een alarm af. Een autoverkoper van Kroymans -wit overhemd, blauwe blazer, strakke spijkerbroek en sneakers- staat er met handen in de zakken bij. Details van de auto’s worden druk gefotografeerd. Een meneer met Ferrari bril, Ferrari polo en kaki afritsbroek verkeert in hogere sferen. Dat geldt niet voor de man bij de Vespa’s, ‘Wat heb je nou aan een Ferrari, ken alleen binnen staan, pleur op!’ Een meneer op bootschoenen en met Ferrari polo in de broek doet net of hij niets hoort.

Twee Formule 1 auto’s met coureur Jan Lammers en supermarktdirecteur Frits van Eerd rijden intussen rondjes op het circuit. Het staat bomvol langs de hekken en op de toppen van de duinen. ‘Is dit lekker?’ vraagt de omroeper, ‘Is dit kippenvel of niet?’ Niet iedereen is enthousiast. Om mij heen wordt geklaagd over stank en herrie. De omroeper heeft het over de Arie Luyendijkbocht en verkeert in extase, ‘Oh, wat lekker.’ Na afloop volgt een kort interview met de coureurs. Terwijl Frits vertelt over zijn toerenbegrenzer, lopen de meeste toeschouwers alweer richting snackkraam, toiletten of geïmproviseerde Italiaanse markt.

Er staat een rij bij de wc’s. Ook is het druk bij de patatkraam. Ik loop richting paddock waar vele Italiaanse autobezitters hun bolides hebben geparkeerd. Ik tref de Maserati Club Holland, veelal heren op leeftijd. Ik zie de leden van de Cento Club, jonge kerels. Ze ontsteken net hun barbecue en nemen plaats op meegebrachte tuinstoelen. De leden van Club Alfa Romeo, overwegend jonge dertigers, zitten in de achterbak van hun auto’s.

Rond een uur of twee is het een allegaartje op het circuit. Auto’s van het predikaat ‘Modern Italiaans’. Ze worden zwijgzaam opgenomen door het publiek. Dan is het opnieuw tijd voor de twee Formule 1 auto’s. Ik neem, met vele anderen, plaats op het duin. Om mij heen telefoons en camera’s in de aanslag. Wanneer de auto’s voorbij razen worden mannen naast mij jongens. Bij de laatste ronde zwaaien de coureurs richting publiek. Met jeugdig enthousiasme wordt er teruggezwaaid vanaf het duin.

Op de parkeerplaats keren enkele auto’s terug. Een jongen, de kraag van zijn polo omhoog, parkeert zijn witte Abarth terwijl hij nonchalant zijn linkerarm uit het raam laat hangen. Een Alfa wil niet starten. Er wordt hulp ingeroepen: ‘We moeten duwen; er willen een paar naar huis.’ Twee jongens, in de verre uithoek van de paddock, hebben een onderonsje bij de stand van het Amerikaanse Jeep:

‘Jeep, dat is toch geen Italiaans?


Op een mooie Pinksterdag

Zou Annie M.G. Schmidt het zo bedoeld hebben? De file richting strand begint al aan het Staten Bolwerk, vlak voor station Haarlem. Zij drinkt een blikje energy drink. Haar vriendin houdt een brandende sigaret uit het achterraampje. Hier en daar een arm of voet uit een autoraam gestoken. Turkse house klinkt op uit een zilvergrijze Mercedes. Niet veel verder zitten twee stoere manen in een Jeep Wrangler. Michael Jackson klinkt op. Ik fiets snel voorbij.

De file staat tot aan de rotonde in Bloemendaal. Daarna is het even gas geven tot de camping. Veel auto’s staan op deze hoogte al in de berm geparkeerd. Camping de Lakens is ‘full/belegt/vol’ volgens het bord bij de toegang. Parkeerplaatsen zijn vol. Fietsenrekken zijn vol. Het plein bij de strandopgang staat vol scooters en Dixi toiletten. Het is de wisseling van de wacht. Ouders met bakfietsen maken zich klaar om naar huis te gaan. Jongeren op scooters komen aan het begin van de middag net aan. Een verkeersregelaar smeert zich nog maar eens goed in. De zon brandt flink.

Er staat een ‘warme’ en ‘koude rij’ bij snackbar Henri aan de boulevard; wachttijd zo’n 30 minuten volgens het bord. Doordringende beats klinken op vanaf de strandpaviljoens beneden. Mensen die bij Bloomingdale naar binnen willen worden gefouilleerd. Drie dames bij Lido kijken verveeld voor zich uit. Hun fles witte wijn is op. Bij Beachclub Vroeger dreunen de bassen. Nope is dope. Een tiental waagt zich op de dansvloer in de brandende zon. Een grijze man van een jaar of veertig, bruinverbrand, afgetraind lijf, klokt zijn Corona achterover. Zijn vriendin, van top tot teen in de zonnebrandolie, lijkt op een andere planeet te verkeren.

Zomaar wat gesprekken voor Woodstock 69: ‘Iemand die zulke mooie borsten heeft, heeft niets nodig.’ Twee Engelse meisjes die voor een Dixi liggen te zonnen: ‘It smells like shit.’ Het is druk bij de mobiele viskraam van Kees visspecialiteiten. Bakluchten stijgen op. Niet veel later bij Vroeger is het dringen: een flinke rij tieners, rijbewijs in de hand. Ze willen naar binnen. De uitsmijter met dikke buik is duidelijk: ‘Meegebrachte flesjes in de prullenbak. Én dames en heren, allemaal even aansluiten.’ Een oudere meneer staat op afstand te jongleren.

Een paar kilometer verderop, in Zandvoort, dragen de jongens handtasjes, witte Birckenstock sandalen en Louis Vuitton petjes hoog op hun hoofden. Ze hebben gekke accentjes. Een gezette vrouw met hondje wil op het terras van Today at twelve plaatsnemen. Het is te duur volgens haar vriend. Een moeder en twee dochters zitten op een bankje aan de boulevard. Ze hebben alle drie een tatoeage van een vlinder op de rechterschouder. Twee Marokkaanse jongens liggen te blowen op hun scooter. Een ambulance rijdt voorbij, de trap van de boulevard af. ‘Je zou er maar in leggen,’ aldus een vrouw in onvervalst Amsterdams accent. Bij Mango’s staan de flessen wijn omgekeerd in de koelers. ‘Jij moet echt mee naar Ibiza,’ bespreken twee meisjes op badlakens in een zee van sigarettenpeuken.

Samen in de zon.