Ampera

Opel Ampera

Een tafereel dat zich vooral op zaterdagmiddagen voordoet. Na een geslaagd bezoek aan de dealer. Buurmannen met hun goedkeurende blikken, rondom de nieuwe auto in de straat.

Nu is het dinsdag. Er is geen dealer bezocht. De leasemaatschappij heeft vanochtend, met slagroomtaart en bos rozen, de auto bij kantoor afgeleverd. Er wordt elektrisch gereden; imago wordt steeds belangrijker en fijn voor de bijtelling.

Tegen de avond gaat hij bij zijn ouders langs. Ze wonen immers op de route naar huis. Het miezert aan de Brouwersvaart wanneer hij de lichten dimt en noodverlichting aandoet. De imposante Bavokerk op de achtergrond.

Hij gaat richting voordeur om aan te bellen, maar zijn vader komt de stoep al opgelopen. Een warme trui aan, Spaanse sloffen om de voeten.

Zijn zoon praat tegen hem. Over groene leds en de actieradius. In het licht van een straatlantaarn, met de armen in de zij, neemt zijn vader de auto zwijgzaam in zich op. Op ruim anderhalve meter.

Verder dan de buurmannen ooit stonden.


Waasdorp, over een zwijgzame Japanse chef

Een mistroostige gemeente. Daarom het perfecte decor voor een film, moet IJmuidenaar Alex van Warmerdam hebben gedacht bij het regisseren van zijn film ‘Ober’. Hij weet vast ook dat het anders kan. Zeevishandel N. Waasdorp op zaterdagmiddag bijvoorbeeld. Het is ook deze week een drukte van jewelste aan de Halkade. Lange rijen voor de kibbeling, de lekkerbek, maar vooral voor de visvingers. IJmuiden kent weinig fijnproevers. De dames van de viswinkel hebben hun namen in gouden letters aan hun kettingen hangen. Hun oorbellen zijn gigantisch.

Op speciale dagen worden rode poon en paling in een oliedrum voor de deur gerookt. Voor de beleving reken je af bij iemand in klederdracht. De picknicktafels zijn bij mooi weer druk bezet. Alleen regent het altijd in IJmuiden. Het klassieke beeld dat rest: stellen van middelbare leeftijd die, gezeten in hun Opel Meriva, hun bakje kibbeling – óf visvingers – verorberen. Een serieuze bezigheid waarbij meestal nauwelijks wordt gesproken. Zeker aan het einde van een wintermiddag, bij de eerste schemering, de meeuwen op de achtergrond op zoek naar visresten; een beeld dat ‘The birds’ van Hitchkock doet verbleken.

Ik vergeet bijna te zeggen dat Waasdorp een hele mooie zaak is. Een mooie zaak die ook zeker meer te bieden heeft dan vet gebakken vis. Behalve een flinke vitrine met klassiekers als paling en haring, een flinke koel-/vrieswand met ingevroren sint-jakobsschelpen, kreeft en king’s crab. Daarnaast twee flinke planken met ijs met de vangst van de dag (schol, griet, tarbot, wijting, zeewolf, rode poon, noem maar op). Maar het allermooiste in deze drukte is toch wel de Japanse sushi chef. In zijn geïmproviseerde keukentje te midden van al dit geweld rolt hij met hypnotiserende handbewegingen maki’s, nigiri’s en hand rolls. Volgens mij spreekt hij geen Nederlands. Sterker nog, volgens mij spreekt hij helemaal niet. Als een zwijgzame Zen master rolt hij zijn visdelicatessen die geen sterker contrast met de rest van de zaak, haar medewerkers en gasten had kunnen vormen. ‘Eén bakje visvingers, alstublieft.’


Hobbyspotten

Een druilerige zondagochtend die aan alle clichés voldoet. De dag begint traag, licht katerig. Een net te koude douche zet de zintuigen ook net niet op scherp. Scheren zit er niet in; het schuim is op. De witte vloerkadetten worden voorzien van een ruime laag smeerleverworst en ook de thermosfles karnemelk verdwijnt in de koelbox. Koelen is vandaag eigenlijk niet nodig, maar ik ben het zo eenmaal gewend.

Via illustere plaatsen als Boesingheliede en Vijfhuizen bereik ik door de steeds harder aantrekkende regen de officiële spottersplaats van de Polderbaan. Vijf Opels staan gebroederlijk met het kontje richting hek geparkeerd. De eigenaren genieten respectievelijk van een patat met, oorlog, speciaal, frikadel en berenhap saté onder de luifel van snackkar Piet. Om de nekken hangen naast verrekijkers radiotransmitters. Het is een rustige dag – het echte charterseizoen is over. 

Om niet op te vallen binnen dit milieu parkeer ik de auto (ander merk) in dezelfde rij. Met een overtuigend gebaar open ik de kofferbak, vervolgens de koelbox. Het melige kadetje doet de kater ietwat vergeten. Dit gevoel verdwijnt volledig bij de eerste landing van een 737 van het Portugese TAP. Ik maak geen aantekeningen. Ik maak geen aantekeningen terwijl ik opmerk dat om mij heen kladblokken worden volgeschreven. 

Hoe lang houdt iemand dit vol? De eerste twee vliegtuigen zijn bijzonder, de eerste 747 is hoe dan ook imposant van dichtbij, maar bij een derde cityhopper slaat de verveling toe. Ik mis het spel van spotten, naspeuren op internet. Het plezier in het praten over technische specificaties onder kille weersomstandigheden. Een ervaring rijker, maar laat ik maar uitkijken naar een ander tijdverdrijf; hobbyspotten dus.