Sergio

Castiglione di Sicilia

‘Arjen!’ Grijze haren op zijn slapen; diep donkerbruine ogen kijken mij trouw aan. Sergio, de tuinman. Nog geen twee dagen geleden kwam ik hier aan. Het is net of ik hier al weken ben. Gistermiddag stond hij nog aan de voordeur met een vers ganzenei. Vanochtend plant hij nieuwe bloemen in onze border. ‘Alle cinque?’ vraagt hij. ‘Sì, buono.’ antwoord ik in mijn brakke Italiaans. We hebben een afspraak vanmiddag in ‘zijn’ Francavilla di Sicilia. Een gehucht met nog geen 5000 inwoners. Al 37 jaar zijn woonplaats.

Het is even zoeken naar de kiosk bij de kerk, Bar Chiosco. Sergio leunt over zijn gedeukte witte Peugeot. Haren gewassen, schone spijkerbroek aan en een frisse gestreepte trui. Ook Antonietta, zijn hoogzwangere echtgenote, is meegekomen. ‘Parcheggiare la macchina nel parcheggio.’ We parkeren aan de overkant. Zijn broer is politieagent in het dorp, dus zal wel een oogje in het zeil houden. We gaan eerst even een ‘giro’ maken door het dorp. Alsof het Rome zelf is.

Antonietta maant Sergio te parkeren terwijl hij zijn gasten eigenlijk niet wil laten lopen. We nemen hem niets kwalijk. In de lokale ijssalon wordt ons granita aangeboden. ‘Di limone, fragola, caffè?’ We doen ons tegoed aan het ijskoude goedje terwijl de lokale jeugd de gelateria overneemt. Het is half zes, de scholen zijn net uit. Vandaar. Met handen en voeten nemen we voetbal, familie en Sicilië door. Zijn nichtje Isabella komt kennismaken en ook zij krijgt een ijsje van haar hartelijke oom. Pistache en chocolade; goede keuze.

Terwijl de uitbater van de ijssalon -met één hand in een mitella- de tafels afruimt, vraag ik of ik nog een koffie kan aanbieden. Geen sprake van! Wij zijn zijn gasten en niet andersom. ‘Andiamo.’ We gaan nog een kleine tour door het dorp maken. We worden gewezen op het museum. De bibliotheek. De links én rechts geparkeerde auto’s. De gaten in de weg.

Boven op de heuvel bezetten een vijftal dames op leeftijd de trappen van de kerk. De Etna rookt in de verte. Buurdorp Castiglione di Sicilia is een silhouet tegen de laaghangende zon. Sergio wijst het met veel liefde aan. Op weg naar beneden worden enkele beleefdheden uitgewisseld met een oudere dame op haar balkon. Een flinke bos grijs haar, haar huid van leer. ‘Una vera signora siciliana,’ aldus Sergio.

We rijden nog langs het kapucijnenklooster en zijn huis, het balkon uiteraard met veel planten. Ook worden we gewezen op waar vrijdag de markt zal zijn. Tot waar deze precies reikt zijn Sergio en Antonietta het niet geheel eens, maar dat we de markt moeten bezoeken staat buiten kijf.

We worden netjes afgezet op de parkeerplaats. Een stevige hand en drie dikke zoenen volgen. ‘Piacere’, prettig kennis te hebben gemaakt.

‘A domani.’


Eilandspoldertocht

Net als vele andere schaatstoertochten is de Eilandspolder de nummer één onder de schaatstoertochten. Wij stappen op bij Café Vislust aan de Zuiderstraat in West-Graftdijk. Belangrijk om te vermelden is dat de gemeenschappelijke schaatsverenigingen zich hebben verenigd in de Stichting Kring Eilandspolder. Een stichting die zichzelf tot doel heeft gesteld een tocht te organiseren met een uitstraling waarvan men zegt “we komen graag terug”.

Het is zaterdag, heeft bijna twee weken gevroren, de zon schijnt en er staat een vrijwilliger in fel oranje hesje op de rotonde. Hij wijst naar zijn collega die op driekwart van het verkeersplein staat. Die verwijst ons door naar zijn ambtgenoot onder aan de dijk. Rechtsaf aan het Oudelandsdijkje kunnen we onze auto in het weiland kwijt.

De eerste schreden zijn wat onwennig. Het is druk en het ijs vertoont veel scheuren. Gelukkig schaatsen we ‘hakke-tenen’, waardoor een eventuele val altijd door een ander wordt opgevangen. Aan het binnenmeer van West-Grafdijk staan minstens 100 mensen voor de stempelpost van IJsclub Algemeen Belang te wachten. Om ons eigen belang te dienen besluiten we bij een volgende post onze stempelkaart aan te schaffen.

Het stuk van West- naar Oost-Grafdijk is een notoire schakel in de route. Smalle slootjes en veel klunen. De droom van iedere filiaalmanager van Carpetland: In de rij voor een rol vloerbedekking. De echte schaatsers binden natuurlijk beschermers onder hun ijzers en steken waggelend het plaveisel over.

Halverwege De Rijp en Schermerhorn is het aanpoten. Tegenwind. (Overigens is een klein beetje wind al genoeg voor een heroïsch gevoel en de aandrang om een stappel witte boterhammen met pindakaas weg te werken.) Slechts een smalle reep van het ijs is sneeuwvrij gemaakt en het is behoorlijk uitkijken in deze drukte. In een bocht van het water strijken we neer bij de koek & zopie. Het is wonderlijk om te aanschouwen welk effect schaatspret op saamhorigheid heeft. Wildvreemden spreken elkaar aan, er wordt gelachen en schaatstips worden onder het genot van glühwein of chocolademelk uitgewisseld.

35 kilometer later verlaten we het ijs. Alsof er een afspraak met de weergoden is gemaakt, is het na dit weekend over met de vorst. Terug naar het werk en tijd om ons voor te bereiden op de lente.

Wat betreft 12.000 deelnemers “we komen graag terug”.