Dave Roelvink

Dave Roelvink

Een week geleden stond bij ons thuis ’s avonds de televisie aan. De maanden daarvoor stond het scherm op zwart, vanwege een nieuwe, wel hele jonge huisgenoot. Ik was de bewuste avond niet in het bezit van de afstandsbediening en had derhalve geen enkele invloed op de goede smaak. We keken RTL Boulevard. De aftiteling was al in beeld.

Op een kruk zat een jong heerschap zenuwachtig heen en weer te draaien. Teksten als ‘ik heb er niets mee te maken’ en ‘dankzij mij is er al heel wat terug gekomen’. Begripvolle blikken van de presentatoren in zijn richting, waaronder die van misdaadjournalist John van den Heuvel. John ruikt een misdadiger al op een kilometer afstand.

Even dacht ik dat het om Winston Gerschtanowitz ging. Ik had lang niet naar RTL Boulevard gekeken en zag toch echt dezelfde lijzige gestalte, de subtiele teint van een zonnebank en een nonchalant baardje boven de boord van een smetteloos wit gesteven overhemd. Ik werd gecorrigeerd. Bij nader inzien bleek het om Dave te gaan.

Dave Roelvink.

Na de uitzending ging ik op onderzoek. Zijn naam leverde op Google vele halfnaakte foto’s op. Dave was ooit fotomodel, vandaar. Ook zag ik foto’s van Dave op een enorme duikplank. Dave deed namelijk ooit mee aan Sterren Springen. En wie was die andere meneer ook alweer? Op foto’s stond Dave naast zijn beroemde vader: Dries Roelvink.

Behalve de foto’s die ik zag, las ik over Dave. Hij werd beschuldigd van diefstal en chantage. Alhoewel ik las dat zijn management in handen was van de jongste Moszkowicz-telg kreeg ik steeds sterker het gevoel een lans te moeten breken voor Dave.

Ik zag namelijk zoveel meer.

Op halfnaakte foto’s van Dave zag ik een jongen die in modellenkringen waarschijnlijk voor ‘afgetraind’ zou doorgaan. Ik werkelijkheid ging het om een broodmagere, uitgehongerde tiener. Als een jongedame, dochter van een fastfoodmagnaat, hem ’s nachts inderdaad hamburgers heeft aangeboden, heeft hij daar onmogelijk ‘nee’ tegen kunnen zeggen.

Op filmpjes van twijfelachtig allooi zag ik Dave in een bubbelbad zitten. Op z’n zachtst gezegd zeer ongemakkelijk, wat niet geheel verwonderlijk was gezien het feit dat een duikplank zijn natuurlijke habitat veel dichter zou hebben benaderd.

Ook zag ik Dave op beeldmateriaal te midden van vele opgeschoten jongeren. Juwelendieven, zo u wilt. Allesbehalve vergelijkbaar met de omgeving waar hij zich normaal met vader Dries ophoudt. Geen megalomane sportpaleizen of voetbalstadions. Zeker niet. Liever de braderie van Landsmeer of de kermis in Burgerbrug. Geen wonder dat Dave zich zeer ongeriefelijk voelt, daar in dat enorme bubbelbad.

De storm is voorlopig niet gaan liggen, maar de zoon van Dries is bij de zoon van Moszkowicz in goede handen. Als het erop aankomt zal zijn management hem, verwijzend naar Dries, slechts een ding verwijten.

Zijn vader hield z’n zwembroek tenminste aan.


Mobiliteit

Quingo

Vergrijzing slaat toe of advertentieruimte op televisie is goedkoper geworden. Gisteravond in het STER-blok, Gerard van Opstal met het Quingo journaal. Met licht brilmontuur, zwart overhemd en glimmende das vertelt hij over een revolutionair concept op gebied van rijden per scootmobiel.

Met serieuze blik en de handen zorgvuldig samengevouwen verkondigt hij zijn boodschap. De vijf wielen onder ‘zijn wagens’ zijn veilig én comfortabel. Alleen een gouden dasspeld ontbreekt om dit zonder meer aan te nemen.

De doelgroep indachtig articuleert Gerard nog eens het 0800-nummer van Quingo. Men kan een brochure aanvragen, maar Gerard wekt de indruk daar beslist niet te lang mee te wachten.

In hetzelfde reclameblok komt een frivole veertiger rechtstreeks uit een tandpastareclame aangereden. De manchetten van zijn witte overhemd keurig onder de mouwen van zijn smetteloze pak vandaan, de haren in een scheiding gekamd en de rood witte das in een Shelby geknoopt. Vanuit zijn elektrische scootmobiel lacht hij aspirant berijders tegemoet.

In tegenstelling tot Gerard stelt hij zich niet voor. Het gaat immers om het product. Hij rijdt, voor het geval men dat wil weten, in de FR1. ‘Super vering, kom eens langs voor een proefritje.’

Mijn aandacht is gewekt. Gelukkig staat de inhoud van de DVD uit het gratis mobiliteitspakket van Mango Mobility integraal op YouTube. Hetzelfde heerschap dartelt joviaal door een van de veertien vestigingen van de keten.

Hij presenteert eBikes, eScooters en scootmobielen. Zelfs de elektrische mini Hummer wordt met royale armgebaren aangeprezen. Mobiliteitsadviseurs en koffie staan op mij te wachten in de showroom, lacht hij in de camera.

Hoewel ik er nog niet aan toe ben merk ik dat de aanschaf van een scootmobiel een gevoelskwestie is. Ik ben een gevoelsmens en neig naar Gerard. Gerard doet ook niet aan showrooms. Die komt uitsluitend bij de mensen thuis, levert navraag op.

Geen slecht idee, de mobiliteit van de doelgroep indachtig.

MangoMobility


Bed&Breakfast

Logo Bed Breakfast

Anneke en Herman. Het gastenverblijf is ‘haar ding’. Herman werkt nog, zij doet iets dat ze leuk vind. Ze leerde er zelfs Duits door. Vandaag ontvangen ze vier gasten in ‘hun Egmond’.

Allereerst Chris en Olga. Chris uit Venlo, met het timbre van Joop van Zijl, was ooit directeur in de Sovjet-Unie. Hij kan zijn verhaal niet afmaken. Zijn Russische Olga vraagt hem of het destijds liefde op het eerste gezicht was. Hij fronst zijn borstelige wenkbrauwen en schraapt zijn keel.

Bij hem wel.

Gea en Meindert zijn ook onderweg. Ze kibbelen in de auto. Vanuit Friesland op weg naar de badplaats. Of het wel of geen leuk pand zou zijn.

Wel als het aan Anneke ligt.

De kamers zijn opgeruimd, de etagères gevuld. Twee flesjes water, een appel en een zakje Hamka’s. ‘Alleen het weer wil niet zo meewerken.’

Ondanks de storm gaan de zes pensionhouders erop uit. De vuurtoren beklimmen. Olga toont zich melancholisch. De Russische was oneindige bossen gewend. De zee is een ander element.

Anneke is tevreden over het door haar georganiseerde uitje: ‘ge-wel-dig.’ Terwijl ze met Herman en glaasje aan het nagenieten is, evalueren andere stellen in bed.

Dik tevreden.

De volgende ochtend zijn de hoteliers al druk in de weer. Herman tekent gezichtjes op hardgekookte eieren, Anneke maakt een smoothie. Of een ‘smoettie’, zoals ze het zelf noemt. Ze staat erom bekend.

Het spel zal zich herhalen. Straks in Venlo, later in Friesland. Er zal gewandeld, gevaren, gegeten worden. De winnaar, het stel met meeste waardering. De winst, een fles champagne. Steevast gedeeld.

Na het ontbijt het eindoordeel. Stellen doen geld in een envelop. Net zoveel als ze het waard vinden. Chris miste een föhn. Dat gaat geld kosten.

Toch warme, lovende woorden. En die föhn?

Die lag gewoon op de gang.

Bed Breakfast

Aflevering terugkijken


Studio Sportwinter

studio sportwinter

Ik droomde dat ik in de studio zat. Al meer dan twee weken was ik van huis. Slapen deed ik in de buurt van mijn medesporters. In het dorp, zoals we dat noemden. Kille appartementen verbonden door gehorige lange gangen. Binnen niets meer dan een hard matras, lege koelkast en donkerbruine gordijnen. Daarachter weliswaar een balkon, maar een uitzicht op niets meer dan een nooit voltooid hotel, bergen puin en rollen prikkeldraad.

De grens met buurland Georgië.

In de studio dus, daar zat ik aangeschoven. In mijn oranje trainingspak. TeamNL stond erop, maar van team spirit was weinig sprake geweest die middag. Iedereen reed, terecht, zijn eigen race. Vier jaar lang havermout, kilo’s bananen en liters water. Feestjes, bitterballen, borrels, alles sloeg ik af. Alles om hier te zijn en maar zilver te halen.

Van gedoodverfde winnaar tot sportieve loser.

En nu zat links van mij een presentator. In donkerblauw overhemd, met kek baardje en een stapel kaartjes in de hand. Tegenover mij een side kick die ik niet verstond. In zijn maatpak, met zijn priemende blik. Hij stotterde dat hij dolgraag met mij de race door wilde nemen.

Dolgraag. Van alle overtuigingen was dit toch wel het allerminst op mij van toepassing. Ik reikte naar het glas en nam een slok van het Russische kraanwater. Zo van ‘kom maar op!’

‘Die laatste bocht? Wat dacht je toen?’ Als ex-schaatser zou de side kick beter moeten weten. ‘Boter, melk, toiletpapier, nou goed?’ maar ik drukte mijn gedachten naar de achtergrond. Wat ik uiteindelijk heb gezegd weet ik niet meer. Iets over trots, presteren, op waarde geklopt worden?

Ik herinner mij slechts een hand. Mijn rechterhand op de schouder van mijn buurman.

‘Dank voor jullie komst’ verloste de presentator mij en mij medesporters. We mochten gaan. Na enkele vermoeide handtekeningen wilde ik mijn oranje fiets pakken.

Lekke band.

Ik trok mijn kraag op en wandelde al snel alleen langs de boulevard. Naast de Zwarte Zee. Het geklots op de stenen onder mij, het schijnsel van de maan op het water. In de verte een boot, nog verder het strooilicht van het ijshockeystadion. Daarachter pas de gloed van het dorp. Mijn harde matras, de bruine gordijnen. Volhouden nu. Nog een wedstrijd, niet eens alleen.

En daarna een lange, lange winterslaap.


Wie is de Mol?

WIDM-LogoIk keek het nooit. Het stond weleens aan hier in huis, maar ik had er het geduld niet voor. Al die series. Je houdt geen tijd over. Maar goed, ik heb het een kans gegeven. En nu ben ik dus verslaafd. Aan ‘Wie is de Mol?

Het principe is simpel. Een stuk of wat bekende Nederlanders, een verre bestemming, gezamenlijk geld verdienen middels opdrachten, maar een van hen is saboteur. De Mol dus. Deelnemers die de Mol op het spoor zijn mogen blijven, anderen moeten naar huis. En de beste detective wint de pot.

Enfin, mijn verslaving. Andere mensen drinken bijzonder graag een glaasje of smoren een bovengemiddeld aantal sigaretten. Ik kijk graag de Mol. Niet alleen dat ene uurtje op donderdagavond, ook het aansluitende Moltalk via internet. Daarover gesproken. Ik volg alle ‘Wie is de Mol?’ blogs, sites en facebook pagina’s en struin ook Twitter af naar tips. En geloof mij, die zijn er.

Of ze je op weg helpen is een tweede.

Zo is volgens ingewijden Sofie de Mol. Dat is zij omdat zij weet dat Tygo niet weet dat zij weet dat hij liegt. Anderen beweren juist dat Tygo de Mol is. Die beltoon laatst, tijdens een van de opdrachten. Dat was de theme song van Fort Alpha, de serie waarin Tygo als 16-jarige al de Mol speelde. Onzin volgens Aaf-aanhangers. Continu verwijzingen naar het alfabet. Het kan niet anders dan dat dit naar de dame met de initialen ABC verwijst.

Tel naast deze raadsels nog eens de quasi mysterieuze verschijning van presentator en voormalig Mol-winnaar Art Rooijakkers op. Hij duikt spontaan op en is even snel verdwenen. Moeten ze hem nu letterlijk nemen? Of was het ‘bij wijze van spreken’? Voor deelnemers voldoende voor waanzinnige complottheorieën. Voor mij voldoende om mij uit de slaap te houden.

Word ik ’s nachts wakker en weet ik opeens zeker dat Jennifer de Mol is. Alles wijst haar kant op. Zoals ze laatst die telefoon liet vallen. Of ’s ochtends, ruim een uur voor de wekker gaat. Ben ik ervan overtuigd dat het Jan-Willem is. Altijd zo heimelijk op de achtergrond. Doet nooit écht zijn best.

Nu begrijp ik dat ik samen met ruim twee miljoen andere kijkers lastige weken tegemoet ga. Het blijkt dat men liever curlers bedreven ziet bezemen, Jamaicanen tevergeefs ziet bobben of Sven Kramer voor de drie miljoenste keer de tien kilometer ziet winnen.

Ik weet in elk geval dat Dione de Mol is daar in Sotsji. Zij is namelijk de enige die weet dat Mart niet weet dat Rintje weet dat Erben weet dat zij liegt.


TROS TV Show

Backstreet_Boys_Tros_TV_Show

Hij zit Nederland al op te wachten voor het reclameblok. De haren gekamd, de handen op tafel. Bewust van zijn houding. Na de STER, behalve de moeder van Joop Braakhekke en de antiheld van de Telfort commercials, vooral aandacht voor de ultieme meisjesdroom van weleer: de Backstreet Boys.

Het publiek is uitzinnig, Ivo glundert.

In het flinke showdecor staat Ivo al klaar. Een glimmend grijs en iets te groot pak, overhemd en zwart gilet. Eerst geeft hij duiding aan het succes van de underdog in de reclame. Vervolgens een reportage. De dementerende moeder van een meesterkok. Ivo heeft wel erger gezien: ‘Ik vind het nog wel meevallen.’ Beide onderwerpen zijn slechts een opmaat voor wat volgt.

Datgene waar het publiek werkelijk op heeft zitten wachten.

Vijf mannen worden onder luid gejoel de studio binnen geklapt. Ivo staat hen op te wachten. Klaar om hen de hand te schudden en de weg te wijzen. Een glimmende tafel in de hoek en zes stoelen eromheen om in weg te zakken. Kan niet missen, maar toch geeft hij richting. ‘Waar waren jullie al die jaren?’ is de strekking van zijn vragen. De Boys, inmiddels door de tijd getekend, geven tekst en uitleg.

Terwijl de een een gezin stichtte, richtte de andere zichzelf ten gronde. Overgeleverd aan drank en drugs. Hun band, sterker dan met sommige familieleden, heeft hen gered. Als Ivo zijn lijstje heeft afgewerkt, mag het publiek. Vrouwen van achter in de dertig worden pubermeisjes. Ze stellen vragen over wensen, begeerten en toekomstdromen. Tranen vloeien bij de a capella uitvoering van de nieuwste single.

‘Jullie zijn allemaal zangers’ bepaalt Ivo vervolgens hun succes, ‘en dat al twintig jaar.’

Dat heeft hij in het drieëndertig jarig bestaan van zijn TV Show nog niet eerder meegemaakt. Drieëndertig jaar.

Larger than life.


Badr

Badr vs Ignashov

Veelbesproken deze man. Pas in de laatste plaats vanwege zijn sportieve prestaties. Deze week nog: Estelle zou hem niet durven verlaten. Op weg van station naar huis zie ik de meeste cafés beelden al op groot scherm projecteren. Geen Nederlands elftal vanavond, maar RTL Fight Night. Rond half twaalf culminerend tot het gevecht waar iedereen op heeft gewacht. Badr Hari tegen de Rus Alexey Ignashov.

Eenmaal thuis zap ik verveeld langs zenders wanneer ik een enorme sporthal in beeld zie. Een ring vol reclameboodschappen. Daaromheen ronde gedekte tafels in zwoel rood licht. Lastig te zien waar Estelle haar plek heeft ingenomen. Laserstralen schieten de lucht in als de Rus zijn opkomst maakt. Eenmaal in de ring zwelt muziek opnieuw aan. Een wereldbol begint te draaien en opent langzaam in stoom en het geflikker van stroboscopen. Alsof hij uit een toverei stapt: Badr maakt zijn entree.

Zijn ogen woest toegeknepen, zweetdruppeltjes op het voorhoofd, de handen al in de bokshandschoenen. Met zijn gevolg legt hij de twintig meter tot de ring haast marcherend af. Maar dan wordt hij door een boomlange vent teruggeduwd. De scheidsrechter. ‘Judge’ staat er met immense witte letters op het zwarte shirt gedrukt. Als Badr zijn shirt uittrekt is het oké. Hij mag doorlopen.

Vastberaden stapt hij de ring in en kiest de rode hoek. De speaker in witte smoking schreeuwt zich in het Russisch schor over prijzen die tegenstander Ignashov ooit won. Of hij vertelt over hectaren aardappels die hij vanmiddag nog rooide, de beer die hij bevocht en de liters wodka die hij daarna dronk. ‘Red Scorpion’ wordt Ignashov genoemd, maar het is vooral zijn neus die rood kleurt.

Team Badr maakt het niet uit. Dat verkeert nu al in extase. De grote Marokkaan heeft een waas voor zijn ogen gekregen. Of het is de extra vaseline die de coach zijn pupil in de wenkbrauwen smeert. Voor de zekerheid duwt hij een rood bitje in Badrs mond. Je weet maar nooit.

Drie rondes van drie minuten volgen. De commentatoren zijn het eens dat de Rus niet fit oogt. Het is Badr die initiatief neemt. Na een minuut drijft hij de Rus de hoek in. De heren vallen elkaar in de armen. Flegmatiek voetenwerk gaat te snel voor Ignashov, die vooral moe is. Heel moe.

De Russische coach aait Ignashov in de pauze over zijn rug. De Nederlandse coach smeert Badr weer in met vaseline. De tweede ronde. Na twee rake klappen hebben de commentatoren van RTL7 het over een ‘Badr momentje’. Verder weinig aan. Badr krijgt een kusje van zijn coach, vlak voor de laatste ronde begint.

Na drie minuten knipoogt Badr in de camera. Hij gaat verhaal halen bij Ignashov. ‘Wat was dat nou?’ lijkt hij hem te zeggen. In het licht van de stroboscoop ontvangt hij felicitaties van zijn team. Hij grijpt de microfoon en bedankt familie, team én spelers van Real Madrid die hun steunbetuiging hadden gegeven. Over Estelle geen woord.

Die heeft stiekem de benen genomen.


Vive La Frans

Vive La Frans

De onmiskenbare snik van Frans Bauer. ‘Wat kan het leven prachtig zijn. Het voelt als een romance.’ Frans logeert enige tijd met zijn broer in een vouwwagen op het terrein van een boerderij in de Provence. ‘Maris zegt altijd, zo weinig mogelijk olie’ zegt Frans tegen zijn broer, terwijl hij een ei probeert te bakken.

Frans draagt vandaag zijn badslippers, blauwe korte broek van Adidas en een knalroze polo. Josje van K3 komt langs. De heren geven het eerlijk toe, ze weten niet veel over Josje. ‘Wat vind ik het leuk om bij jou op bezoek te komen’ roept Josje enthousiast uit, wanneer ze Frans voor het eerst ziet. Ze draagt grote oorbellen, een jurkje en gympen. Een piepklein rugtasje, dat is alles wat ze meebrengt.

Josje komt uit een groot gezin, ging weleens eerder kamperen en is vrij opgevoed. Dat weet Frans snel te ontfutselen. Hoog tijd voor hem om haar de camping te laten zien, inclusief geïmproviseerde douche en gat in de grond. Het toilet. Maar dat is geen probleem voor Josje.

De twee gaan schilderen. In Arles nog wel, bij de bekende brug. Ze vragen zich af wanneer Van Gogh leefde: ‘Vijftiende, zestiende eeuw?’ Van Gogh was in elk geval een Brabo. ‘Je bent zo onrustig’ constateert Frans, ‘Neem de brug eerst eens even in je op.’ Hij toont zich een waar mensenmens: ‘Komen mislukte relaties door je onstuimigheid?’

De twee tonen elkaar hun werk. Frans heeft een zonnetje getekend in de rechterbovenhoek van zijn doek. Terwijl zijn broer de schilderijen probeert te verkopen, genieten Frans en Josje van een drankje op het terras. Laat Frans Josje maar vermaken. Later zitten de twee samen op een quad.

Volgende activiteit is het zoeken van truffels. Een lokaal boertje heeft zijn reusachtige varken meegebracht. Die wroet wat in de grond en haalt binnen de kortste keren enorme truffels boven. ‘Can I aai de pig?’ vraagt Frans in zijn beste Frans.

Tijd voor diepgang.

‘Wat wilde je vroeger worden?’ Juf. ‘Dat K3 zal best impact hebben gehad op je leven?’ Klopt. Frans is afgeleid als het varken zijn behoefte doet: ‘De truffels liggen hier gewoon voor het oprapen.’

Aan het eind van de middag geniet men van een truffelomelet voor de vouwwagen. Na het poetsen van de tanden toont Frans zich een heer. Hij brengt Josje naar haar tent. Later kijkt hij met zijn broer toe naar Josjes silhouet in het licht van een zaklamp. Ver weg van huis, ver weg van Maris.

De volgende morgen wekt Frans Josje. Ze maakt gebruik van de primitieve douche en kleedt zich voor de zoveelste keer om. Nu in een feloranje trainingsbroek. Na het ontbijt gaat ze er vandoor, Frans achterlatend.

Volgende week neemt Frans een modderbad met Joost Eerdmans.

Zanger, interviewer, levensgenieter.


Een tegen Honderd

Caroline Tensen

Net als Studio Sport markeert Een tegen Honderd de zondagavond. Een bank vol strijkgoed, gesmeerde boterhammen voor morgen al op het aanrecht. Sinds jaar en dag is het programma in handen van Caroline Tensen die vanavond vanuit de MediArena Studios aflevering 356 presenteert. Een hysterische studio overigens. Glimmende achterwanden met spiegels en een vloer die continu van duizelingwekkende kleuren wisselt.

Vanavond begint het met ‘een tegen vijf’. Michiel had vijfennegentig van zijn tegenspelers reeds weggespeeld. Caroline staat er parmantig zonnebankbruin en met roze gestifte lipjes bij. Gekleed in het blauw, lange hangers in de oren en haar blonde pony zorgvuldig gekapt. De laatste aflevering van het seizoen, maar ze is strijdlustig: ‘We komen terug.’

Voor de eerste vraag een klein uitstapje naar Gaston die op locatie is. ‘Goeoedenavond’ roept hij met puilogen in de camera. Michiel wenst ‘makkelijk’ te beginnen. Een inkopper over de film The Bodyguard. Caroline toont zich, niet voor het laatst vanavond, innemend. Ze vindt het zo’n heerlijk romantische film. En later bij een vraag over cassettebandjes: ‘Ik heb er heel wat gehad’, om daar snel ‘cassettebandjes’ aan toe te voegen.

Bij een volgende vraag gaat het mis. De juiste spelling van kangoeroe. De laatste tegenspeler zit fout met ‘kangaroe’, maar Michiel net zo. ‘Jammer’ weet hij nog uit te brengen. ‘Jammer? Het is afschuwelijk!’ werpt Caroline hem toe. Met drie van haar zoenen kan hij het doen.

‘De computer gaat een nieuwe kandidaat kiezen.’ Het duurt even voor het tot Annemiek op stoel eenentwintig doordringt. De eerste vier vragen verspeelt ze respectievelijk haar ‘ABC’ en drie ‘escapes’. Dan trekt Caroline een ernstig gezicht. Een filmpje over kinderhandel. ‘Erg hè?’ Later een blij gezicht bij beelden van flamingo’s. ‘Lief hè?’ Bij de eerste vraag op eigen kracht gaat Annemiek direct in de fout. Caroline vond het wel gezellig met haar.

Leo is aan de beurt. Hij hakkelt over woonplaats en werk. ‘En wat zijn je hobby’s?’ slaat Caroline een andere weg in, om vervolgens over te schakelen naar Gaston. Die staat met enorme bril, blauwe sjaal en dito gympen klaar om drie miljoen om uit te delen.

De meeste winnaars een paar duizend euro rijker. Meneer Vos, een jaar of zeventig, ruim drie ton. Hij haalt de cheque samen met Gaston uit een gouden envelop. Hij zou desgevraagd een keer op vakantie willen. Gaston, met op de achtergrond stuiterende mensen, neemt afscheid.

Na een aardig begin is Leo de draad kwijt. Een vraag over onderzoek naar effecten van alcohol. ‘Korsakov is degene, ja, van wie eh, van wie eh, die echt verbonden is, eh, eh, dus ik kies B.’ Gelukkig is zijn antwoord juist. Alhoewel, Caroline geeft aan pas in het volgend seizoen verder te zullen spelen met hem en zijn zeventigduizend euro. Als er tenminste een volgend seizoen is.

Aansluitend namelijk Joop van den Ende in stemmige zwart-wit beelden met een oproep niet verder te bezuinigen op de publieke omroep. Geen moeilijke vraag voor Leo om de petitie te ondertekenen.

Honderd tegen een dat hij dat doet.

Aflevering terugkijken


Rudolph’s Bakery

Rudolph van Veen

Het is maar zeer de vraag of Rudolph ooit chagrijnig is. In de keuken, zijn natuurlijk habitat, in elk geval niet. Bij het zappen, kanaal 24, stuit ik op Rudolph en zijn bakkerij. 24 Kitchen, dus vierentwintig uur per dag koken en eten, waarvan minstens de helft met hem.

Zijn wit gesteven koksbuisje, de geblondeerde haren zorgvuldig in een scheiding gekamd en de zwarte hoornen bril op de neus. Daarachter de twee meest stralende ogen die ik ooit zag. ‘In koken kan ik zo mijn creativiteit kwijt’ komt hij via de camera mijn huiskamer binnen. En ik geloof hem. Ik geloof Rudolph op zijn woord.

Vandaag begint hij voor twee recepten met hetzelfde basisdeeg. Weliswaar minder creatief, maar geen reden tot minder plezier. Gepassioneerd kneedt hij dat het hem een lieve lust is. Wat hem ook vrolijk stemt zijn de ontvangen kindertekeningen, die inmiddels een plaatsje op de koelkast in de studiokeuken hebben gekregen. ‘Kijk eens wat een prachtige, gevulde etagères. Ik krijg er helemaal trek van.’

Voor de hete bliksem-slof gaan aardappels op het vuur, wordt spek gekruid en schilt hij in een soepele beweging een appel. Voor de volle kersentaart is Rudolph maar wat blij dat hij in Las Vegas ooit een prachtige bakvorm vond. ‘Een Katrien Duck-taart is zo een fluitje van een cent.’ Hij ontdoet een pondje kersen van de pit, onderwijl alsmaar enthousiaster wordend.

Mocht hij dan toch een rol spelen, de weinige momenten waarop hij eruit valt is wanneer een garde, kom of bakblik niet meer nodig is. ‘Baf!’ klinkt het wanneer hij ze achteloos in de wasbak smijt. Verder? Een en al liefde, zwevend door zijn keuken.

Bakpapier of afdekfolie. Hij tovert ze –keurig op maat geknipt- tevoorschijn uit lades en kasten. Wat een routine, maar vooral ook pret. De kersentaart kan gevuld gaan worden. Als vulling van het deeg komt er eerst een laag van gesuikerde en gemalen noten. ‘Frangipane’ probeert hij de kijker uit te leggen. Sprekender is de metafoor die hij daarna gebruikt.

‘Zie dit als een matras. Een matrasje voor de heerlijke kersen.’ Wanneer hij de kom met de prachtige, zoete, donkerrode kersen ter hand neemt denkt Rudolph heel even dat het om levende wezens gaat.

‘Nou die gaan echt de trampoline springen nu!’ en ‘Als kersen konden praten riepen ze nu waarschijnlijk allemaal joehoe!’ Terwijl ik even moet bijkomen van deze culinaire poëzie is Rudolph alweer vrolijk verder gegaan met zijn vlechtwerk van repen deeg met kartelranden. ‘Instrijken met een klein beetje eistrijksel, zodat het deeg mooi gaat glimmen. Klein beetje suiker erop, voor wat knispering en twinkeling aan de bovenkant.’

Alsof het niets is.

Rudolph van Veen